Hoe zat het ook alweer met de werkwoordspelling

Werkwoordspelling - BoekscoutblogIs het belooft of beloofd? Wanneer schrijf je gebeurt en wanneer gebeurd? Heel veel auteurs hebben moeite met de d’tjes en de t’tjes. Elke auteursbijeenkomst doen we een vrolijke test, en dan blijkt vaak dat de meesten eigenlijk wel weten hoe het werkt.  Maar in het vuur van het schrijven gaat het dan toch geregeld mis. In deze blog laten we je zien dat het niet echt moeilijk is. De Nederlandse taal kent regels, en heel heldere uitzonderingen op die regels. Als je die regels paraat hebt, kan het haast niet fout gaan. We tonen je in deze blog de regels en de uitzonderingen en we hopen dat je met deze tips zelfverzekerd  verder kunt schrijven aan je manuscript.

1.       Tegenwoordige tijd
Om de spelling van een werkwoord in de tegenwoordige tijd te kunnen bepalen, zoek je eerst de stam. Die vind je door de laatste ‘en’ weg te halen.

Bijvoorbeeld:

Hele werkwoord:                                   Stam:
bereiden                                                   bereid
denken                                                      denk
worden                                                     word
roepen                                                      roep
houden                                                     houd

Heb je de stam te pakken, dan geldt er in wezen maar 1 regel:

Achter de stam komt een t.

Daarop heb je slechts twee uitzonderingen:
Is ‘ik’ het onderwerp, of staan ‘je’ of ‘jij’ als onderwerp achter het werkwoord, dan komt er na de stam niets, dus ook geen t.

Dus:

De koningin bereidt een kom vleesjus
De duizendpoot denkt na over links of rechts
Beau wordt minister-president
De conducteur roept de machinist wakker
Geert houdt van kebab

Maar:
Ik bereid de koningin een poffertje
Word je vader van een vierling?
Nee, je wordt vader van een vijfling
Houd ik vandaag van Beau of van Geert?
Verbeeld je nou maar niks, Matthijs!

Hoe herken je dat ‘je’ het onderwerp is? Als je er ‘jij’ van kunt maken is ‘je’ het onderwerp. Anders niet.

‘Word je vader?’ kun je uitspreken als: ‘Word jij vader?’
‘je’ is dus het onderwerp. Het staat achter het werkwoord, en er komt geen t achter de stam.

‘Wordt je vader opa?’ kun je niet vervangen door ‘Wordt jij vader opa.’

‘je’ is dus niet het onderwerp. Dat is: ‘je vader’. Er komt daarom nu wel een t achter de stam.

2.       Voltooid deelwoord
Je herkent een voltooid deelwoord meestal aan het voorvoegsel ge-, be- of ver-. Maar je hebt ze in wezen in alle soorten en maten.  Voorbeelden:

gestopt, beroofd, verloofd

In een zin met een voltooid deelwoord staat altijd ook een ondersteunende werkwoordsvorm. Een paar voorbeelden:
Ik ben gestopt
Hij wordt beroofd
Zij heeft geleefd
De bron raakt uitgeput

In de regel hebben alle voltooid deelwoorden die niet op -en eindigen, als laatste letter een d:

De zakkenroller is beroofd
De nymfomane had zich verloofd

Maar…

Er is één uitzondering:
Als de stam van het werkwoord eindigt op een van de volgende letters: xtc -koffieshop
dan eindigt het voltooid deelwoord op een t

Voorbeelden:

Werkwoord                 Stam                                 Volt. deelwoord
stoppen                        stop                                   gestopt
krassen                         kras                                    gekrast
faxen                             fax                                      gefaxt

Bijna alle letters van xtc-koffieshop vind je overigens ook in het beter bekende begrip ’t kofschip.

Instinkers:
Veel voltooid deelwoorden wijken alleen met de laatste letter af van de tegenwoordige tijd. Bijvoorbeeld:

Jennifer heeft haar man wat meer trouw beloofd
Jennifer belooft haar man wat meer trouw

Andere voorbeelden zijn: gebeurd-gebeurt, benaderd-benadert, hersteld-herstelt.
Kun je in deze blog terugvinden waarom belooft in de eerste zin met een d is geschreven en in de Tweede zin met een t?

3.       Verleden tijd
Voor het schrijven van werkwoorden in de verleden tijd geldt dezelfde regel als die bij het voltooid deelwoord:

Werkwoord                 Stam                                 Verleden tijd                      Volt. deelwoord
stoppen                        stop                                   stopte                                  gestopt
krassen                         kras                                    kraste                                   gekrast
faxen                             fax                                      faxte                                     gefaxt

Maar:
Leven                             leef                                    leefde                                  geleefd
Grazen                          graas                                 graasde                               gegraasd

Bij deze laatste 2 werkwoorden verandert de stam van samenstelling en wordt de laatste letter een van de letters uit xtc-koffieshop. Maar de oorspronkelijke letters blijven bepalend voor de keuze uit een d of een t: lev en graz. De v en de z staan niet in xtc-koffieshop.

Als je het allemaal zo op een rijtje hebt, is het niet zo moeilijk om de juiste werkwoordspelling toe te passen. Hou deze blog er bij het schrijven maar gewoon bij. Dan kan het haast niet mis gaan.

Houd de blog goed in de gaten. Volgende maand helpen we je bij het schrijven van een biografie.

Over Boekscout

Boekscout is in de eerste plaats een uitgeverij. We zijn gek op boeken en we ruimen ook graag een plaatsje in voor dat van jou. Stuur ons je manuscript gerust toe via www.boekscout.nl
Dit bericht is geplaatst in Taal, interpunctie en opmaak. Bookmark de permalink.